Waar zit je routine

18 November 2017 edit history

Als je besluit om te gaan bloggen, of online te schrijven, dan is de kans groot deze dagen dat je online gaat zoeken naar tips, trucs en inzichten hoe je dat dan moet doen. De kans is minstens zo groot dat je overweldigd raakt van de tsunami aan tips die je over je heen krijgt.

Sinds online schrijven en publiceren zo eenvoudig is geworden, is er een complete industrie ontstaan om schrijvers te helpen met de techniek, de vorm en uiteraard het format. Ik ben zelf onderdeel van deze industrie. In zekere zin. Ik heb jarenlang workshops gegeven en ben betaald om uit te leggen hoe het nou toch zit met dat bloggen. En vooral, wát mijn opdrachtgever moest doen voor instant faam en ronkende cijfers voor het management.

De tips die ik gaf waren niet hemelbestormend, hadden geen dieper inzicht in de mores van het online publiceren. Ik probeerde vooral over te brengen dat je met een goede dosis gezond verstand best een eind komt. Gepaard met de koppige inslag dat je gewoon kunt blijven proberen, falen, opstaan en weer doorgaan.

Een van de meestgestelde vragen was “wanneer moet ik iets online zetten”? Dat is nog steeds een belangrijke vraag, al gaat het nu meer over het complete spectrum aan contentmogelijkheden. Van social posts tot infographics en Youtube video’s.

Regelmaat is belangrijk. Geef je lezer wat ze kunnen verwachten op het juiste moment. Tot een paar jaar terug kon ik nog met gemak de opmerking maken dat GTST elke dag om 8 uur op RTL 4 is te zien. Daar hoeft de kijker niet meer over na te denken, dat is er gewoon, dat kun je verwachten. Dat was nog pré-Netflix en Uitzending Gemist. Ik vraag me af of er nog steeds zo’n grote groep mensen trouw voor de buis zitten gekluisterd. Maar ik dwaal af.

Regelmaat dus.

Een slecht moment om iets te publiceren zou zijn als iedereen op bed ligt. Als het online verkeer begint af te nemen. Toch is dat wat ik doe. Want het is voor mij het beste moment om iets te publiceren.

Daar zit mijn avondroutine. Als de kinderen op bed liggen, het huis is weer wat leefbaar en de dag is doorgenomen, dan kunnen mijn lief en ik prima onze eigen routines hebben in de avond. Bij mij gaat dit veelal achter de laptop. Ik ben niet meer aan het werk voor Triggi, maar nog wel online bezig. Ik lees wat nieuw binnengekomen artikelen in mijn RSS lezer en ik probeer te schrijven. Het schrijven voor mijn eigen site is laagdrempelig, ik heb geen vast format en geen vaste categorie waar ik me aan moet houden. Ik hoef alleen maar rekening te houden dat het leesbaar is en enigszins te volgen voor jullie, mijn lezers. Ik publiceer direct. Ik schrijf niets vooruit, ik heb geen setje posts die klaar staat om elke dag netjes op het juiste moment te publiceren voor maximale impact. Dus als ik om 11 uur ‘s avonds klaar ben, zoals nu, dan gaat het direct online. Gedurende de dagen er na promoot ik de post wel overdag op Twitter en andere plaatsen, maar verder hou ik geen rekening met de optimale tijd om te publiceren. Ik vind dat wel prettig. En wellicht kan het een regelmaat worden voor lezers die vlak voor het slapen gaan nog even mijn blogpost meepakken.

Ik zou het fijn vinden als deze routine tweede natuur wordt. Nu moet ik nog echt bewust mijn laptop pakken, nadenken en aan het werk. Ik zal me er lekker bij voelen als het schrijven van een blogpost weer net zo routinematig wordt als het poetsen van mijn tanden voor ik ga slapen. Of de kat de laatste brokjes eten geef. Dat zijn de echte avondroutines die er al jaren in zitten. Het zijn de beste routines, die relatief weinig hersenkracht kosten om op gang te brengen en te houden.

Dankzij Penmuse kwam ik op dit onderwerp, de avondroutine. Penmuse is een fijne dienst van Matthew Lang, die dezelfde prikkel nodig had om te kunnen schrijven. Een writing prompt die past binnen zijn thema’s en onderwerpen en waar hij zich fijn bij voelt. Hij legt zelf uit waarom hij er mee is gestart en wat je kunt verwachten. Dit soort services kunnen maken tijdens mijn avondroutine, dat is iets wat ik nog wel eens zou willen leren…

Foto credit: Spyros Papaspyropoulos via Visual hunt / CC BY-NC-ND


Webmentions